Bot is levend weefsel. Het wordt tijdens het hele leven voortdurend opgebouwd en weer afgebroken. Voor het 30ste jaar is de opbouw groter dan de afbraak, waardoor het bot steviger wordt en groeit.
Gevarieerde – calciumrijke – voeding en lichaamsbeweging zorgen voor gezonde stevige botten; dit geldt zowel tijdens de opbouw periode als daarna.
Na het 35ste jaar wordt de afbraak geleidelijk groter dan de opbouw; daardoor worden de botten minder stevig. U bent dus nooit te jong om aan osteoporose preventie te doen.

Een botbreuk na het 50ste levensjaar, een bestaande wervelbreuk, een (te) laag lichaamsgewicht; erfelijke aanleg, niet bewegen, medicijngebruik (met name prednison en prednisonachtige stoffen) zijn ernstige risicofactoren voor het krijgen van osteoporose.
Maar ook bepaalde ziekten of aandoeningen, leeftijd, hormoonafwijkingen, een vroege overgang, onvoldoende kalk en vitamine D en dergelijke factoren spelen een rol bij het al dan niet krijgen van osteoporose.

Bij vrouwen kan de eerste jaren na de overgang het verlies van hoeveelheid bot (botmassa) opeens heel snel gaan, soms wel 6% verlies per jaar. Na de overgang worden er namelijk nauwelijks vrouwelijke geslachtshormonen (oestrogenen) gemaakt door het lichaam. Deze hormonen spelen een belangrijke rol bij de aanmaak van het bot. Daarnaast worden vrouwen steeds ouder en hebben bovendien minder stevige botten dan mannen.

Wanneer je osteoporose hebt, heb je een verhoogde kans op een botbreuk.Door iets op te tillen (een tas met boodschappen) of op een ongelukkige manier van een stoep af te stappen, kan zomaar een wervel breken of inzakken; daardoor wordt de rug krommer, met als gevolg dat je vele centimeters in lichaamslengte krimpt. Door de pijnklachten die hierdoor kunnen ontstaan, wordt het steeds minder mogelijk om de normale (huishoudelijke) dingen van alle dag te blijven doen.